Dagelijkse situaties

FloorPlay is goed geschikt om tijdens allerlei dagelijkse situaties toe te passen. Dit betekent dat je soms wat creatiever moet zijn en dat je soms moet zoeken naar alternatieven of mogelijkheden.

Een voorbeeld:

Vader moest elke ochtend Sanne wakker maken en elke keer weer mopperde Sanne als vader haar wakker kwam maken. Vader merkte ook aan zichzelf dat hij steeds weer met een bepaalde spanning bij de deur van Sanne stond, omdat hij wist dat ze weer ging mopperen of ging tegenstribbelen.

Nu hij aan FloorPlay was begonnen, wilde hij ook deze momenten gaan gebruiken om op een andere manier de situatie te veranderen in een positieve, en op een FloorPlay manier. Hij klopte op de deur, deed de deur open en zei: ‘Ik ben een hijskraan en kom voorzichtig aangereden….vroem..ik doe nu mijn armen open en grijp wat ik grijpen kan..vroem…’. Op deze manier vond Sanne het best leuk om wakker gemaakt te worden. Het werd een spelletje wat zowel bij vader positief werkte (minder spanning) als bij Sanne (plezierig).

Dagelijkse situaties

Om betrokkenheid en Wederkerige communicatie (mijlpaal 3) te stimuleren

  • Gebruik motorisch spel – stuiteren met een bal, tikken, slingeren- om het enthousiasme van het kind naar boven te krijgen
  • Gebruik spel voor oorzaak-gevolg besef: verstop speelgoed, laat iets vallen etc.
  • Speel kinderspelletjes zoals kiekeboe, ‘ik ga jou pakken’, etc.
  • Speel een verbaal ‘pingpong’ met het kind, reageer op elk woordje of geluid dat het kind maakt en zorg er voor dat cirkels geopend en gesloten worden
  • Speel parallel spel of doe dezelfde handelingen na. Bijvoorbeeld ga ook tanden poetsen als je kind moet tanden poetsen.
  • Praat met je kind via gebaren, geluiden en niet alleen met woorden
  • Doe zoveel mogelijk samen, zodat de betrokkenheid verstevigd wordt.
  • Speel verstoppertje en laat je kind ook jou zoeken.

Om het probleemoplossend vermogen(mijlpaal 4) en alertheid te stimuleren:

  • Zet de stoel niet dichtbij de tafel, wel in het zicht van het kind, wanneer het eten op tafel wordt gezet.
  • Open de fles nog niet als je de fles neerzet voor het kind
  • Laat nog geen water in het bad lopen als het kind van plan is om in bad te gaan
  • Verstop schoenen van de standaardplaats
  • Verplaats de boeken van de plank op een andere plank
  • Trek twee sokken over elkaar aan
  • Trek het shirt aan bij de voeten
  • Geef volwassenschoenen in plaats van zijn eigen schoenen
  • Maak de lepel en vork met elastiek vast wanneer je het bestek aan het kind geeft
  • Draai een beker om wanneer je melk wilt inschenken
  • Gooi puzzelstukjes van twee of drie puzzels bij elkaar
  • Laat een puzzelstukje weg en ga samen op zoek als het kind het stukje kwijt is
  • Houdt twee stukjes in je hand en maak een gebalde vuist. Het kind moet een hand kiezen of open maken en dan heeft het kind weer een stukje om verder te gaan.

Strategieën om het kind te helpen bij het opbouwen van een symbolische wereld (mijlpaal 5)

  • Sta het kind toe om te ontdekken wat echt is en wat een stuk speelgoed is
  • Als je kind dorst heeft, biedt hem dan een theekransje aan
  • Als het kind honger heeft, probeer dan door middel van een toneelstukje te doen alsof je boodschappen doet en kookt. Zo blijf je dicht bij wat je kind bezighoudt.
  • Als het kind van plan is weg te gaan, geef hem dan namaaksleutels of speelgoedsleutels
  • Als het kind op de grond gaat liggen, pak een deken en leg deze over hem heen en zing een slaapliedje
  • Daag zijn poppen of knuffels uit om elkaar eten te geven, te knuffelen, te kussen, te koken of samen te spelen
  • Zorg dat je betrokken raakt in het toneelstuk dat hij begonnen is door een personage aan te nemen en overdrijf uw spel
  • Als het kind op de bank klimt, zeg dat hij een grote berg aan het beklimmen is
  • Als het kind boven op de glijbaan staat, zeg dan dat hij in de zee terecht komt en hem jou moet vertellen wat voor vissen erin zwemmen.
  • Plaats een voorwerp voor een ander voorwerp zodat extra steun nodig is: doe alsof een bal een cake is, of een lepel een verjaardagskaars.
  • Als je speelt, help dit het kind om persoonlijke bedoelingen duidelijk weer te geven
  • Vraag wie de auto heeft, waar de auto naar toe gaat, of het kind genoeg geld heeft, je herinnert het kind eraan of het nog wel de sleutels heeft, waarom het kind daar naar toe gaat en waarom niet ergens anders heen etc.
  • Breidt het spel zoveel mogelijk uit, gebruik daarbij wat, waar, waarom en hoe-vragen
  • Maak gebruik van pauzes of stiltes.
  • Wanneer een probleem opduikt, kun je gebruik maken van symbolische oplossingen
  • Pak het dokterskoffertje als een pop zich bezeerd heeft, of een gereedschapskistje als een auto stuk is.
  • Laat merken dat je de teleurstelling van een kind begrijpt en moedig hem aan om niet op te geven door middel van empathie
  • Zorg dat je betrokken raakt in een rollenspel
  • Neem een rol aan in een rollenspel en laat iets niet vanzelfsprekend verlopen (ook probleemoplossend vermogen)
  • Spreek direct met de poppen over bepaalde situaties (neem een rol aan)
  • Praat als bondgenoot (misschien fluisterend), maar merk ook op dat je je verzet tegen de ideeën van het kind en zo het kind uitdaagt
  • Maak gebruik van symbolische figuren waar het kind van houdt zoals Disneyfiguren of Sesamstraatfiguren.
  • Gebruik het spel om de angst van het kind aan te gaan, maak gebruik van de werkelijkheid en fantasie
  • Laat het kind de leiding nemen, dit zorgt ervoor dat het kind op een meer fantasieachtige manier logisch denken creëert
  • Leg de nadruk op het proces als je speelt; welk karakter zou je moeten spelen, wat voor steun kun je bieden voor zijn ideeën, wat is het probleem etc.
  • Bespreek af en toe de gevoelens van het kind tijdens het spel
  • Herinner eraan dat het symbolische spel een veilige manier is om te communiceren en te praten over gevoelens, emoties en ideeën.

Strategieën om het abstract denken (mijlpaal 6) te ontwikkelen

  • Verhoog affect en betrokkenheid
  • Laat het kind gebruik maken van echte voorwerpen ipv speelgoed
  • Het kind kan aangeven wanneer het met een rollenspel en poppen wil beginnen te spelen
  • Het kind gebruikt het speelgoed in een doen-alsof spel
  • Het kind gebruikt symbolische oplossingen om problemen en angst aan te tonen
  • Herken de angst en vermijding van een bepaald gevoel, thema’s en karakters
  • Zorg dat tijdens het spel gesprekjes zijn
  • Moedig abstract denken aan door waarom-vragen te stellen, naar meningen te vragen
  • Maak jezelf kenbaar, gebruik intonaties, gezichtsuitdrukkingen
  • Als het kind voedsel gebruikt in het doen-alsof spel, vraag dan of het koud of warm is
  • Ben creatief, blijf creatief.